Wat gebeurt er?

 

Na de diagnose verandert het leven volledig. Niet alleen voor de patiënt maar ook voor jou als partner. Er moeten allerlei praktische dingen geregeld worden. Zo zijn veranderingen in de taakverdeling onvermijdelijk. Dat lijkt misschien iets om makkelijk overheen te stappen. Maar toch moet je samen zoeken naar een nieuw evenwicht waarbij je je allebei goed voelt. Je zult vaker taken van je partner over moeten nemen en meer moeten zorgen dan voorheen. De vraag is of je dat kunt combineren met je normale bezigheden, zoals je werk. 

Hoewel je zieke partner meer behoefte heeft aan steun en hulp, blijkt uit onderzoek dat de meeste paren vinden dat je elkaar - ook in deze tijd - evenveel moet ondersteunen. Een relatie is en blijft een kwestie van geven en nemen. Uit datzelfde onderzoek blijkt wel dat de patiënt eerder vindt dat de relatie uit balans is dan de partner. De partner vindt juist dat hij eerlijk behandeld wordt en voelt zich soms bevoordeeld. Patiënt en partner kijken dus verschillend tegen de situatie aan. Pas als je partner echt achteruit gaat en de verschillen in behoeften groter worden, blijken jij en je partner het allebei redelijk te vinden dat jij meer op je neemt.  

Heb jij of je partner het idee meer in de relatie te investeren dan dat je terugkrijgt, dan zul je je ontevreden voelen. Kom je hier samen niet uit, ga dan in gesprek met een psycholoog. Dit kan je vaak snel weer op de goede weg helpen. De gesprekken kunnen je helpen omgaan met schuldgevoelens of boosheid en herstellen het evenwicht in de relatie. 

Wil je geen psychologische hulp dan kun je ook veel baat hebben bij contact met lotgenoten. Mailen of chatten met iemand die zich in dezelfde situatie bevindt kan je opluchten. En je kunt daarbij zelf ook anderen helpen.